Dankje – Lama Karma

Dankje – Lama Karma

juni 29, 2021 0 Door kimthorst

Ik mocht Lama Karma bezoeken, te midden van haar eigen Boeddhistische centrum. Deze sterke, vriendelijke vrouw vertelde mij over haar dankbare leven, waarin ze het Boeddhisme mocht leren kennen. Nadat ik drie kwartier te laat was voor ons gesprek (de bus gemist), wachtte ze me nog altijd geduldig op met een glimlach en een (inmiddels lauwe) kop koffie.

Lama Karma is een Tibetaans Boeddhist, met een paranormale achtergrond en is dus ook eigenaar van een Boeddhistisch centrum in Vorstenbosch. Ondanks dat Lama Karma altijd al werd geprezen om haar inspirerende manier van vertellen, zegt ze me dat ze liever niet de rol als ´verteller´ op zich neemt, maar dat ze andere mensen liever helpt, om de mooie ervaringen in henzelf te ontdekken. Dát was haar bedoeling: Mensen helpen met ‘het’ te vinden, in zichzelf.  Dat ‘het’ zoekt ze met haar leerlingen in meditatie, die zij coacht.

Lama Karma kwam tijdens haar eigen meditatie een steeds terugkerende naam tegen: Lama Karta. Ze begon zich af te vragen, of ze er iets mee moest doen.  Na ‘Lama Karta’ te googelen, bleek deze man bleek inderdaad te bestaan. Met een groep vrienden, besloot Lama Karma op zoek te gaan naar hem. Wat ze bij hem precies zocht, wist ze toen nog niet, vertelt ze me. Na de bijzondere ontmoeting van Lama Karma met Lama Karta, in zíjn Boeddhistische centrum in België, leek alles vervolgens op zijn plek te vallen. Het Boeddhisme trad in Lama Karma´s leven. Dat was iets waar Karma eerder nooit bij stil stond, maar nu begon ze in te zien dat er voor haar niets mooiers bestond dan het Boeddhisme. Ze is 25 jaar in de leer geweest bij lama Karta. Lama Karma kocht samen met haar buurman een oude boerderij op, dat later uitgroeide tot haar eigen Boeddhistische centrum.

“Alles leek zo te moeten lopen”, glundert ze.

”Dankbaarheid komt in grote mate ook terug in het Boeddhisme”, vertelt Karma.

“Dit zit ook verworven in mededogen. Het mededogen is ook heel belangrijk: Het kunnen zien dat de ander anders is en dat we het toch samen moeten doen.”

Karma’s schaduwpatroon – Artwork door Kim ter Horst

Karma denkt dat vanuit dat begrip voor de verbondenheid met elkaar en jezelf, de dankbaarheid kans krijgt om te ontstaan.

“Wees ook dankbaar voor dat je er bent en dat je gezond bent. Ik zeg altijd: blijf uw-eigen nou eens bewust dat ge handen en voeten hebt, dat ge tien vingers hebt. Dat ge ogen om te kijken hebt… Wie heeft daar voor gezorgd? De natuur, leeuwen, tijgers, ik blijf het altijd zo mooi vinden. Dan vraag ik me af, wie heeft dat toch vormgegeven? Dat een giraf zo’n lange nek moet hebben. Prachtig!”

Er vallen, volgens Lama Karma, ook veel wondertjes in jezelf te herontdekken. Lama Karma merkte dat ze vaak dingen ‘wist, die ze niet wist’. Iets intuïtiefs, waar ze naar heeft leren luisteren.

“Het is mooi om te luisteren naar iets wat er is wat jij niet weet, maar ‘het’ in jou wel. En of je het nou ‘het’ noemt, of energie noemt, of de leegte noemt, maakt niet uit. Maar je kán dichter bij je innerlijke wijsheid komen.”

Lama Karma vertelt over de aanwijzingen, die ze mediterende leerlingen geeft.  Ze maakt meditatie tot tool om dankbarheid op te merken en te  ervaren. 

“Ik help ze zoeken naar de essentie van het wonderlijke in henzelf. Dat kost tijd, daar kom je niet zomaar. Maar door het terug laten komen van de meditatieoefeningen, kun je steeds meer terrein in jezelf verkennen en het wonderlijke gaan inzien.”

Het wonder heeft op zich al een dankbare lading in dat woord zitten, denk ik. Als je het leven, jezelf en naasten beschouwt als wonder, denk ik ook dat je er de schoonheid intenser van ervaart en dat het je in een dankbare staat stelt.

De kracht van die Boeddhistische stroming is iets waar Lama Karma zich niet altijd al bewust van was. Tijdens Lama Karma’s ziek zijn, leek het leven in de rolstoel steeds dichterbij te komen. Iets wat ze absoluut niet wilde. 

“Geen dokter of mens kon mij helpen. Ik wilde niks meer met een rolstoel, ik wilde niks meer met een dokter, ik wilde niks meer met niemand niet. Ik dacht ineens: Allemaal weg hier, ik zoek het zelf wel uit! Vanaf toen kreeg ik heel andere gedachtegangen dan voorheen. Ik ben deze op gaan schrijven en ben er met andere mensen over gaan praten. Mensen zeiden: Goh, kunnen wij niet gewoon naar jou komen luisteren, want jij kan zo mooi vertellen.” Ze maakte er lessen van, die ze eerst vanuit huis deelde. Dit groeide steeds verder uit, tot ze dus haar conclusie trok: dat  ze niet wilde dat mensen alleen naar haar kunstjes kwamen luisteren.

“Je moet het zelf gaan zien. Je moet het zelf gaan leren zien.”

Zo begon bij haar de behoefte om anderen iets te leren.

Vanaf het moment dat Lama Karma voor zichzelf besloot te kiezen, voelde ze meteen vertrouwen.

“Ik heb een plan ergens. Wat dat precies is dat weet ik nog niet, maar er is geen mens meer die mij in een hoek krijgt waar ik niet wil zijn. Want dáar is mijn ziek zijn, voelde ik. Er is een innerlijke power in mij die mijn redding is geweest. Ik heb gezien hoe je, door in diepere lagen van jezelf te komen, geconfronteerd wordt met nieuwe delen van jezelf. Delen die zorgen, dat je steeds blijer kunt worden met jezelf en dat je het wonderlijke ook meer kan zien. In de natuur en je omgeving. Het leven is eigenlijk heel specifiek, maar we maken er soms zo´n gedonder van.”

Het ego. 

“Het ego is wel net zo sterk als het allerhoogste in ons, dus dat duelleert de hele tijd. Dan wil de ene en dan wil de ander. Maar als we het ego wat kunnen temperen, dan krijgt het hogere meer ruimte. Dat geeft je meer wijsheid. Het ego dat bedekt bijna ons pad, om het mooie in ons te laten inzien. ”

Haar reis in het oosten komt ter sprake.

Lama Karma is van mening dat men in het westen heel anders is ingesteld, dan in het oosten.

“Daar is de sfeer heel anders. Wat we hier bespreken, ligt daar veel meer in het normale. Misschien wel vanuit de noodzaak van de armoede in het oosten, dat die verbondenheid groter is. Hier in het westen is alles van ons. We hebben ons eigen tuintje, onze eigen fiets, ons eigen plan. Daar gaan ze met z’n tienen op één fiets. Treinen zijn tot op het dak gevuld. En dat kan daar allemaal. Hier schieten we meteen in de irritatie, van schuif eens op! Je staat in de weg!”

Ik vertel Lama Karma over mijn eigen ervaring in Indonesië. Hoe open en behulpzaam de bewoners in mijn ogen leken te zijn. Mensen die weinig bezaten, maar die in eerste oogopslag tevredener leken te zijn,  dan mijn gestreste workaholic-vrienden, in Nederland, die altijd meer en meer verwachten. Lama Karma heeft er een verklaring voor:

“De happiness komt vanuit jezelf. Hoe dichter dat je bij jezelf komt, hoe meer daar de happiness vandaan komt. Die happiness heb je altijd bij je, waar je ook bent. Tuurlijk is het leven soms even zwaar. Ook die mensen in het Oosten hebben pijn en verdriet. Maar daar kom je overheen omdat je terug naar jezelf gaat.”

Wat we van huis uit hebben meegekregen, leren we doorgaans aan als ‘normaal’. Deze zaken zijn voor iedereen verschillend, maar we kunnen ook van elkaar leren. Je kan zelfs nog zoveel van jezelf leren, wat je nu nog niet beseft:

“Wanneer je in jezelf durft te keren, dan kom je er bijna altijd in tranen uit. Want dan is het eigenlijk zo wonderlijk, dat je dat niet kan bevatten. En dan komt dankbaarheid. Dan ga je denken, oh wat ben ik blij dat ik die meditatie gedaan heb en dat ik zo ver gekomen ben. Het is een uitdaging om het in jezelf te gaan ontdekken en daar moet je lef voor hebben, om echt naar binnen te keren.”

De Boeddhaleer is als een spiegel, vindt Karma. Het ‘bewuster worden’ laat je aan jezelf zien. Dat kan ook pijn opleveren, die je wilde vermijden. Pijn die we volgens Karma niet mogen overslaan, maar dat verwerkt moet worden. Dan kun je het op zijn tijd misschien ook weer laten gaan.

Ik vroeg Lama Karma om het maken van een schaduwpatroon van haar leven. Hoe wisselden donker en licht elkaar af? Hoe kijk je op het geheel terug? Hoe ziet haar huidige positie eruit? Is de dankbaar voor bepaalde stukken uit haar leven, of het leven in het geheel?

‘Daar en daar’ zag ze wel een donker plekje, maar de grote lijnen bleven haar vooral bij. Het begint voor haar gevoel in een soort modderpoel, waar uiteindelijk een lotus uit groeide, in het licht. Het ziek zijn, heeft ertoe geleid dat Lam Karma haar eigen weg insloeg, wat ze omschrijft als ‘het mooiste wat er is geweest voor haar leven.’

”Dat heeft zoveel op geleverd dat ik denk van, prima, ik had niet hoeven klagen, want hoe moeilijker het is geweest, hoe fijner achteraf. Dan kan je jezelf op de schouders kloppen van: Dat is mij gelukt! En vanuit het mooie, kan je alleen maar verwachten dat het daarna weer minder mooi wordt. Dan moet u in uw-kracht blijven. Je bent zelf de baas om het mooi te houden. Dan zeg ik altijd, dat kun je niet alleen, maar alleen in verbondenheid met het leven.”

Lama Karma kijkt naar mijn tekening. Ze geeft wat laatste aanwijzingen:  “Ik zou het donkere zelfs nog wat lichter maken, want ik heb een leven gehad waar anderen mensen ‘u tegen zouden zeggen’. Tijdens mijn ziek zijn werd ik hartstikke verwend! Ik had ziekenhuizen tot mijn beschikking. Ik had de buurvrouw, mijn schoonouders. Eigenlijk had het in mijn situatie niet mooier gekund, maar om dat te beseffen heb je bewustzijn nodig.  Dat lichtere zal zo niet voor iedereen gelden. Lama Karma zoekt voor haar schaduwtekening naar een ‘modderpoel metafoor’: Het licht zat in die modder, piepte er af en toe even doorheen, maar uiteindelijk kwam die binnenkant omhoog en werd dát ook haar beleving. Ongeacht tegenslagen. Het begon donker. Maar wat daaruit voortkwam was licht. Bloei.

“Dat heldere licht, dat zíjn wij, maar dat zie je niet. Dat kun je ook eigenlijk alleen maar voelen.”

“Als we het ego wat kunnen temperen, dan krijgt het hogere meer ruimte. Dat geeft je meer wijsheid. Het ego dat bedekt bijna ons pad, om het mooie in ons te laten inzien.” -Lama Karma

Vandaag op de boekenplank aangeboden: Het boek van vreugde , geschreven door Dalai Lama, Desmond Tutu en Douglas Carlton Abrams (Nederlands vertaalt). Een boek waar 350 pagina’s je meenemen in geluk, zelf hulp en filosofie. Achterflaptekst : “Een wijs en inspirerend boek van twee van de vrolijkste mensen ter wereld. De Nobelprijswinnaars en oude vrienden kijken terug op hun veelbewogen levens en geven antwoord op de belangrijke vraag: hoe kunnen we vreugdevol leven ondanks het verdriet en de tegenslagen die bij het leven horen?”